Als mensen uit elkaar gaan hoor ik vaak: "Maar we hebben toch alles samen gedaan?" Of: "Het stond op onze gezamenlijke rekening, dus dat is van ons samen, toch?" Helaas werkt het niet altijd zo. Wat samen voelt, is volgens de wet niet altijd ook echt samen.
Hebben jullie samengewoond zonder iets op papier te zetten? Dan is het in principe simpel: wat op jouw naam staat is van jou, wat op naam van je partner staat is van je partner. Ook een gezamenlijke rekening is niet automatisch 50/50. Stortte de een meer dan de ander, dan is dat geld in beginsel van diegene. Wat jullie samen deden, zoals boodschappen, huur en vakanties, wordt gezien als kosten van het samen leven.
Waren jullie getrouwd met huwelijkse voorwaarden? Dan hangt het af van de gemaakte afspraken. Bij koude uitsluiting blijft alles gescheiden. Bij een periodiek verrekenbeding hoort wat jullie jaarlijks overhouden gedeeld te worden; is dat nooit gebeurd, dan wordt vaak gedaan alsof er gemeenschap van goederen was. Bij een finaal verrekenbeding verdelen jullie bij de scheiding alsof alles samen was: spaargeld, beleggingen, de overwaarde van de woning en wat met inkomen is opgebouwd. Erfenissen en vermogen van vóór het huwelijk hoef je meestal niet te delen, tenzij anders afgesproken. Heeft één van jullie een eigen zaak, dan komt daar bedrijfswaardering bij kijken: zie scheiden met een eigen bedrijf.
Veel ruzies bij een scheiding ontstaan doordat mensen denken dat iets eerlijk verdeeld moet worden, zonder de regels te kennen. Samen brengen we in kaart wat van wie is, welke afspraken er gelden en wat een eerlijke en haalbare verdeling is.